Sahara Marathon

Nadat ik in april/mei 2013 het Belgische record 8000-meter klimmen op vijf had gebracht, had ik me voorgenomen om de 8000-ers een jaartje te laten rusten. Maar dat betekende uiteraard niet dat er voor 2014 geen avontuurlijke uitdagingen op het programma stonden. Enkele jaren voordien had vriend en collega-klimmer Jan Willems deelgenomen aan de Sahara marathon in het zuiden van Algerije. Die marathon is niet enkel een sportieve uitdaging, maar via dit evenement wordt ook hulp georganiseerd voor het Saharawivolk dat al 37 jaar vastzit in vluchtelingenkampen.

Bij de onafhankelijkheid van de Westelijke Sahara in 1975, viel het Marokkaanse leger immers dit land binnen. Die bezetting is nu, 39 jaar later, ondanks talloze veroordelingen door de Verenigde Naties en het Internationaal gerechtshof, nog steeds aan de gang. 175.000 mannen, vrouwen en kinderen vluchtten 37 jaar geleden de grens met Algerije over en wachten in 5 vluchtelingenkampen nog steeds op een oplossing. De Sahara marathon wil niet enkel humanitaire hulp tot bij deze vluchtelingen brengen, maar wil ook aandacht vragen van de internationale gemeenschap voor deze uitzichtloze situatie.

Omdat ik met mijn activiteiten ook andere mensen wil helpen, leek het me een goed idee om aan deze marathon deel te nemen. Mijn voorbereiding liep echter niet van een leien dakje. In september kreeg ik een hamstring blessure aan mijn rechterbeen. Daardoor stond ik een maand op inactief. In November kwam dezelfde blessure terug waardoor ik opnieuw een maand verloor. Bovendien durfde ik de laatste weken voor de marathon niet meer voluit trainen uit vrees dat dezelfde blessure mijn deelname aan de marathon onmogelijk zou maken. Dankzij een intensieve behandeling kon ik verder kwaad vermijden. Maar bij vertrek was ik wel minder getraind dan ik gehoopt had.

Wat wel goed liep was mijn crowdfunding initiatief. Via dit initiatief verzamelde ik niet enkel geld voor de marathon en dus voor het Saharawivolk. Een deel van de verzamelde fondsen investeerde ik via Kiva in microfinanciering. In totaal verzamelde ik meer dan 600 euro waaarvan ik 120 euro in Kiva investeerde.

Op 21 februari stapte ik in Zaventem op het vliegtuid naar Madrid. Daar ontmoette ik Doug, een collega-avonturier, die ook aan de marathon zou deelnemen. Samen met heel wat Spanjaarden stapten we op een gecharterde vlucht naar Tindouf. Vandaar brachtten bussen ons naar het grootste van de vijf vluchtelingenkampen waar we de volgende week bij een Saharawi-familie zouden doorbrengen. De familie verschafte ons onderdak, eten en drinken. De kinderen van de familie traden ook op als onze lokale gidsen en begeleiders. Vooral Ba, een jongetje van vijf, nam deze taak zeer ernstig. Ba had ook nog twee neven: Bala en Bamba. Met zijn drieen waren ze dus Babalabamba.

Alhoewel we in de nacht van vrijdag op zaterdag al ter plaatse waren, werd de marathon pas op maandag gelopen. De eerste twee dagen werden opgevuld met persconferenties en lezingen over het Saharawivolk en de verkenning van het kamp. Zondagavond stond er dan een gezamelijke pasta-maaltijd met alle deelnemers op het programma. Een aantal ervaringsdeskundigen van de Sahara marathon gaven nog wat advies mee. Door de hitte en het terrein is de Sahara marathon immers niet zomaar een marathon. 30 graden Celsius, geen millimeter schaduw en een zanderige ondergrond maakt dat lopers ongeveer 33 % meer tijd nodig hebben voor deze wedstrijd.

Op deze avond kwam ik ook de enige andere Belg tegen. Daniel Dekkers had de Sahara marathon al vier keer gelopen maar had dit jaar voor de halve marathon gekozen. Hij was dan ook 78 jaar en is sindsdien mijn persoonlijk held. Ik hoop dat ik op 78-jarige leeftijd ook nog halve marathons in de Sahara kan lopen.

Op maandagmorgen, na een gezamelijk ontbijt stapte ik samen met 138 andere lopers op de bus richting startlijn, 42 km verder. Daar werden we opgewacht door een enthoesiaste menigte vrouwen die met het nodige gezang en de nationale vlag van het Saharawivolk ons een hart onder de riem kwamen steken.

Even later werd het startschot gegeven en kon ik vertrekken aan mijn 42 km in de hitte. Het eerste probleem dook al op na 500 meter. Mijn linkerkuit begon pijn te doen. Gelukkig was dit een opwarmingsprobleem want na enkele kilometer verdween die pijn. Maar na 8 km speelde mijn achillespees op. De pijn was in het begin niet ondraaglijk maar werd langzaamaan erger. Bij km 18 besefte dat ik dit probleem zou moeten verhelpen als ik de marathon wilde uitlopen. Tijdens een korte pauze smeerde ik mijn rechterkuit in met een relaxererende spiercreme, bij gebrek aan een betere oplossing. Maar gelukkig bleek dit de juiste beslissing want 500 meter verder was de pijn volledig verdwenen.

De eerste kilometers van de marathon verliepen verder vlot. Ik bereikte het teken van 10 km na 1 uur 5′. Dat is misschien niet zo snel, maar gezien de hitte en de ondergrond was ik daar best tevreden mee. Ik had er trouwens bewust voor gekozen om niet te snel te lopen. Na 2 uur 25′ was ik halfweg. Mijn tempo was dus iets gezakt, maar als ik dit tempo kon volhouden zou ik binnen de 5 uur aankomen. Bij km 25 was ik zelfs positief verrast dat ik de laatste 4 km zo snel had afgelegd en zat ik boordevol goede moed. De loop zelf was tot dan toe trouwens fantastisch. Prachtig terrein en zo goed als alleen in de woestijn. Ook de ondersteuning door de organisatie met drank en voedsel was piekfijn.

Maar hoe verder ik liep, hoe meer lopers ik zag wandelen. De Sahara begon duidelijk zijn tol te eisen. Ook bij mij ging het vanaf 30 km steeds moeizamer. Mijn passen werden korter, mijn benen deden pijn, het werd steeds heter en ik ging steeds langzamer lopen. In de Sahara staat ook geen massa supporters langs het parcours om je te steunen met aanmoedigingen. Als het pijn doet, sta je er helemaal alleen voor. Uiteindelijk had ik voor de laatste 12 km nog bijna twee uur nodig. Na 6 uur 2′ haalde ik eindelijk de eindmeet: geen wereldtijd maar nog altijd de 81ste tijd op 139 deelnemers onder wie heel wat geroutineerde marathonlopers. De winnaar legde dezelfde afstand af in 2 uur 50′, een onwaarschijnlijk straffe prestatie.

Belangrijker echter dan de tijden van de marathon zijn de resultaten van de solidariteitsactie: 30.000 euro aan steun werd overgemaakt aan de lokale bevolking. Bovendien werden verschillende projecten in scholen en ziekenhuizen gesteund. Ook kreeg het Saharawivolk zelf heel wat aandacht van de meegereisde pers.

Voor mij was deze marathon en de ontvangst door het Saharawi-volk alleszins een verrijkende ervaring.

Ik wil de volgende mensen bedanken voor hun steun aan deze Sahara Marathon:

  • Michel Peeters

  • Ilse Supply

  • Garry Smeulders

  • Chantal Martin

  • Marc Van Heirle

  • Luc Frans

  • Sonja Michiels

  • Meta Vrijhoef

  • Dieter De Maeyer

  • Jan Willems

  • Stijn Gysen

  • Jo Van Gorp

  • Valerie Verheylsone

  • Ingrid Engelen

  • Kris Patteet

  • een aantal anonieme sponsors

Met de steun van